Skip to main content
foto2.jpeg

Bezoek aan de Steenkolenmijn in Valkenburg aan de Geul op vrijdag 19 september 2025.

Om een goed beeld te krijgen van de werkzaamheden in de mijnen in Zuid-Limburg is een rondleiding noodzakelijk.
De mijnbouw van de 20e eeuw heeft een enorme stempel gedrukt op de samenleving in deze regio. Het begon allemaal in 1901, toen André Dumont steenkool ontdekte.
Met een film uit 1970 (DSM) werd een beeld geschetst van de ondergrondse werkzaamheden.

De aanwezigheid van de mijnwerker werd geregistreerd door het afhalen van zijn genummerde penning. Na afloop van het werk ondergronds moest deze penning weer worden ingeleverd.
Op die manier wist men dat de mijnwerker veilig was teruggekeerd.

De ploeg van ongeveer twintig man liep naar de schacht, waarna de lift (met een snelheid van ca. 10 meter per seconde) hen 700 à 800 meter onder de grond bracht.
Met een treintje en/of te voet ging men vervolgens naar het kolenfront om daar ongeveer zes uur te werken bij een temperatuur van meer dan 30°C.

Door het werken met boorhamers kwam er veel stof en lawaai vrij. Dit leidde op termijn tot ernstige gezondheidsproblemen bij de mijnwerkers, waaronder stoflongen.
Door de mechanisatie van de werkzaamheden werd veel gebruik gemaakt van lopende banden en schudgoten. De kolen werden in stalen wagons naar de schacht vervoerd, waarna bovengronds het materiaal in waterbassins werd gescheiden in kolen en stenen.

Het resultaat hiervan was dat alle mijnlocaties herkenbaar zijn aan een steenberg; karakteristiek voor de mijnindustrie.

Na de bezielende rondleiding door de gids, zelf oud-mijnwerker, werd nog genoten van een mooie zomerse nazit.

12 Steenkolenmijnen in Zuid Limburg.